Abraham

Abraham DEEL 2

De komende maanden bestuderen we de fascinerende Bijbelverhalen uit The Blessing Bijbel. David Maasbach doet dit op een unieke en levendige manier, waardoor ze makkelijker te begrijpen zijn. Hieraan zullen jij en het hele gezin veel plezier beleven! Deze keer het verhaal van Abraham (deel 2).

De beloofde zoon
God had Abraham meerdere keren een zoon en nageslacht beloofd. Hij had zelfs Abraham ’s avonds naar buiten genomen, toen de sterren aan de lucht waren, en gezegd: ‘Zo ontelbaar veel als de sterren zal jouw nageslacht zijn.’ Abraham had zich altijd vastgehouden aan deze belofte van de levende God.

‘Abraham geloofde God en daarom beschouwde God hem als een rechtvaardig mens.’
– Romeinen 4:3

Hoewel er jaren voorbij waren gegaan, was God Zijn belofte aan Abraham niet vergeten.

Toen gebeurde het onmogelijke: Sara werd zwanger van Abraham en zij baarde een zoon: Isaak, de zoon die God beloofd had. Maar nu ontstond er wel een groot probleem. Aan de ene kant had je Ismaël, de zoon van Abraham en Hagar, en aan de andere kant Isaak, de zoon van Abraham en Sara.

Deze twee broers groeiden samen op. Ismaël was ouder en pestte zijn broertje Isaak. Sara zag dit en zei tegen Abraham: ‘Stuur Hagar en haar zoon weg, want ik wil niet dat mijn zoon Isaak de erfenis deelt met Ismaël.’ Abraham zag het helemaal niet zitten om hen weg te sturen, want hij hield van Ismaël, zijn oudste zoon.

Maar God zei tegen Abraham: ‘Doe wat Sara heeft gezegd, want men zal door Isaak over je nageslacht praten. Hij is de zoon van de belofte. Aan hem en zijn nageslacht zal Ik het land geven dat Ik jou heb beloofd. Maar ook Ismaël zal ik tot een groot volk maken, omdat hij ook jouw zoon is.’

Abrahams geloof op de proef gesteld
Isaak groeide op tot een heerlijk jongetje. Abraham hield zo veel van zijn zoon; het was zijn grote liefde. Toen kwam het moment dat God Abraham op de proef stelde. God zei: ‘Abraham, neem uw zoon Isaak, van wie u zo veel houdt. Ga naar het land Moria en offer hem daar aan Mij.’

Dit was een onvoorstelbare, bijna onmogelijke keuze. De Bijbel vertelt ons dat Abraham de volgende morgen vroeg zelf het hout sprokkelde en zijn ezel zadelde. Hij nam zijn zoon Isaak mee en vertrok naar Moria, samen met twee van zijn dienaren. Na drie dagen reizen zag Abraham in de verte de plaats die God hem had gezegd. Hij liet zijn twee dienaren daar achter en ging samen met zijn zoon naar de plaats.

Toen vroeg Isaak: ‘Vader, we hebben hout en vuur, maar waar is het lam dat wij moeten offeren?’ Abraham gaf daarna een profetisch antwoord: ‘God zal Zelf voor een offerlam zorgen, jongen.’ Abraham sprak over Jezus Christus, het volmaakte Offerlam. Het beslissende moment brak aan. Abraham bouwde een altaar en stapelde het hout erop.

Toen legde hij Isaak op het altaar en bond hem vast. Hij pakte het mes en hief zijn arm op om zijn zoon te offeren. Op dat moment riep de Engel van de HERE uit de hemel: ‘Abraham, Abraham! Doe je zoon geen kwaad, want nu weet Ik dat je voor Mij niets zult achterhouden. Zelfs jouw eigen zoon, van wie je zo veel houdt, wilde je aan Mij geven.’ Abraham keek rond en zag vlakbij een ram, die met zijn horens in de struiken vastzat. Hij offerde die ram op het altaar, als plaatsvervanger voor zijn zoon.

Jezus, het ware Offerlam
Duizenden jaren later, in dezelfde streek, offerde de levende God Zijn enige Zoon, Jezus Christus, op het kruis van Golgotha. Hij stierf als volmaakt Offerlam voor de zonden van de hele mensheid. Hoewel er in het verhaal van Abraham een plaatsvervangend offer was voor zijn zoon, was er toen geen plaatsvervanger. De apostel Petrus zegt:

‘Je weet toch wat een geweldige losprijs God heeft betaald om jou vrij te kopen van het lege bestaan dat jij, net als jouw voorouders, leidde. Je bent niet vrijgekocht met iets dat vergaat, zoals zilver en goud, maar met het kostbare bloed van een volmaakt en vlekkeloos lam: het bloed van Christus.’ – 1 Petrus 1:18-19

De zegen van Abraham
Isaak is een rijk gezegende man geworden. In een tijd van grote hongersnood zaaide hij, in hetzelfde geloof als zijn vader Abraham, en oogstte honderdvoudig. De Bijbel zegt over Isaak: ‘Hij werd rijk, ja nog rijker, totdat hij zeer rijk geworden was.’ Deze zegen van Abraham is ook voor ons ­vandaag. Paulus zegt namelijk:

‘De echte kinderen van Abraham zijn dus de mensen die, net als hij, op God vertrouwen … Ieder die net als Abraham op God vertrouwt, zal net als hij worden gezegend.’
– Galaten 3:7, 9

Geef God jouw hart
Abraham is een prachtig voorbeeld voor ons. Hij hield niets voor God achter, maar gaf Hem alles. God vraagt vandaag van jou: ‘Geef Mij jouw hart.’ Dat is ons grootste, mooiste en kostbaarste bezit. Als je dat nu wilt doen, bid dan het gebed met mij mee.

Gebed
Bid met mij mee

‘Vader in de hemel, dank U voor uw oneindig grote liefde en genade voor mij.
U offerde Uw enige Zoon, Jezus Christus, op het kruis van Golgotha om mij vrij te kopen van alle zonden. Ik open mijn hart voor U en vraag U, Here Jezus: kom in mijn hart. Ik neem Uw vergeving aan en dank U ervoor. Net als Abraham, wil ik U vandaag alles geven wat ik heb.
Ik geef U mijn hart. Doe Uw wil in mij. Help mij om U dagelijks te volgen en U gehoorzaam te zijn.
In Jezus’ naam bid ik dit. Amen!’

Tags: