Studie - De gaven van de Geest

De gaven van de Geest: De gave van geloof DEEL 2

De gaven van de Heilige Geest zijn onmisbaar in de Kerk van Jezus Christus. Het Lichaam van Christus zonder deze gaven is als een lichaam zonder ledematen. Als wij ons uitstrekken naar de gaven van de Geest, zal God deze uitdelen zoals Hij wil en zullen we een krachtig Lichaam vormen. In dit deel gaan we dieper in op de gave van geloof.

In deel 1 hebben we beschreven wat de gave van geloof inhoudt en hoe het zich verhoudt tot andere soorten geloof. Om je een beter beeld te geven van hoe de gave tot uiting komt, zullen we in dit deel de werking en de bedoeling van de gave van geloof beschrijven.

a) De gave van geloof kan tot uiting komen om een bovennatuurlijke zegening gesproken door een in vervulling te laten gaan.
Een goed voorbeeld van deze uiting kunnen wij lezen in Genesis 27:27-29. In die verzen spreekt Isaäk de zegen uit over Jakob. Isaäk sprak de woorden met grote zekerheid en met vertrouwen in het feit dat hij geloofde dat God de zegen waar zou maken in het leven van zijn zoon. De woorden waren geladen met goddelijke kracht. In Hebreeën 11:20 staat:

‘Door het geloof heeft Izak zijn zonen Jakob en Ezau gezegend, met betrekking tot toekomstige dingen.’ (HSV)

Door ditzelfde soort geloof sprak ook Jakob aan het einde van zijn leven zegeningen uit over Efraïm en Manasse, de zonen van Jozef, en zegen en vloek over zijn eigen zonen. Jakob sprak vanuit de belofte die God hem had gegeven bij zijn ontmoeting met God in Luz. De woorden die hij daar sprak, waren in overeenkomst met de belofte die God hem had gegeven in Luz.

Terwijl Jakob deze woorden sprak, geloofde hij dat God zijn woorden zou eren als Zijn eigen woorden en het tot stand zou laten komen. Geloof kan zegenen of vervloeken, wanneer het naar Gods wil is (Numeri 23:8,20).

b) De gave van geloof kan tot uiting komen voor bescherming onder gevaarlijke omstandigheden.
Daniël ging de leeuwenkuil in met vol vertrouwen op God voor bescherming, hij was vol van geloof. God beantwoordde dat geloof door de muilen van de leeuwen te sluiten en zo zijn dienstknecht te beschermen.

‘Mijn God heeft Zijn engel gezonden en Hij heeft de muil van de leeuwen toegesloten. Ze hebben mij geen letsel toegebracht, omdat ik voor Hem onschuldig ben bevonden…Toen Daniël uit de kuil was getrokken, werd er geen enkel letsel bij hem aangetroffen, omdat hij op zijn God had vertrouwd.’ – Daniël 6:23-24

God beantwoordt het geloof van hen die op Hem vertrouwen en Zijn beloften geloven en die daardoor in de rust zijn. Ook Jezus ervoer in zijn leven dreiging. Het werd een keer zelfs zo erg dat de mensen om Hem heen stonden om Hem te stenigen, maar dan lezen we in Lucas 4:30: ‘Maar Hij liep midden tussen hen door en ging weg.’ Jezus ontkwam aan deze dreiging, doordat Hij zich berustte op Gods beloften.

c) Voor bovennatuurlijk voedsel tijdens hongersnood of vasten.
Elia sprak in 1 Koningen 17 een woord van geloof dat er geen regen meer zou vallen, totdat hij het zou zeggen. Op dat woord regende het niet meer en kwam er een hongersnood in Israël, waar hij zelf ook aan onderworpen werd. Maar omdat Hij leefde in geloof in God, voorzag God in dagelijks drinken en eten voor hem. God voorzag door Elia te sturen naar de beek Krith waar hij water kon drinken uit de beek en waar raven hem elke ochtend en avond eten brachten.

Elia leefde en sprak door het geloof in God. Hij zei aangaande Gods woord dat de olie en meel niet zouden opraken en het gebeurde naar dat woord. Ook sprak hij met geloof tot God om de ziel van de jongen in zijn lichaam terug te laten komen, nadat de jongen gestorven was. En het gebeurde, zoals Elia had gesproken door het geloof.

Dit geloof maakte Elia niet immuun voor menselijke gevoelens zoals vrees. De vrees die hij voelde, zorgde ervoor dat hij na al deze wonderlijke dingen de woestijn in vluchtte om te sterven. Maar God was ook daar in de woestijn met Elia en zorgde voor hem daar onder de jeneverbessenstruik.

God zond engelen om hem te eten te geven. Al had Elia op dat moment geen geloof in een goede uitkomst. Het overblijfsel van echt geloof blijft ook werkzaam in tijden van ongeloof. Het voedsel van de engelen en het geloof verzadigden hem een bovennatuurlijke manier, dat hij een 40 dagen durende reis naar Horeb kon maken in de woestijn zonder extra voedsel.

Geloof schijnt vooral de gave te zijn die Gods dienstknechten beschermt in situaties van onvermijdelijk gevaar, uitputting en tegenspoed. Gevaar voor verhongering, wilde dieren, elementen (vuur, water), oorlog en onzichtbare krachten. Geloof ziet de gevaren rustig onder ogen terwijl God steun verleent, of Zijn dienstknecht weghaalt uit de gevaarlijke situatie waarin deze zich bevindt.

De gave van geloof komt op verschillende manieren tot uiting. In het leven van George Müller, een evangelist en oprichter van een weeshuis, kwam de gave van geloof tot uiting toen er in het weeshuis geen eten meer was.

Op dat moment waren er wel honderden hongerige kinderen en de voorraadkamers waren helemaal leeg. Al wist George dit, bad hij toch voor de lege kopjes en borden. Terwijl hij aan het bidden was, waren er voor de ene deur melkbussen vol melk gezet en voor de andere deur stonden manden vol met brood. God beantwoordde zijn geloof door dit wonder en de hongerige monden werden gevuld en er was overvloed, ook in blijdschap!

d) Voor het verkrijgen van de verbazingwekkende beloften van God.
God had Abraham een belofte gedaan, de belofte van een zoon. Al werd Abraham steeds ouder bleef hij vasthouden aan de belofte, want geloof dat diep in God is geworteld negeert de jaren en de menselijke zwakheid en roept amen op de grote beloften die God doet.

‘Abraham was honderd jaar oud, toen zijn zoon Izak hem geboren werd.’ – Genesis 21:5

‘En hij heeft aan de belofte van God niet getwijfeld door ongeloof, maar werd gesterkt in het geloof, terwijl hij God de eer gaf.’ – Romeinen 4:20

De kracht van Gods beloften zwakken niet af na verloop van jaren. Zij bleven even krachtig als het moment dat die belofte werd uitgesproken. Alleen de menselijke ‘nee’s’ en ‘maren’ doen de ‘Ja en Amens’ van Gods beloften verdwijnen, door het ongeloof dat ze veroorzaken.

e) Om grote zondaars terecht te wijzen.
De bovennatuurlijke hand van God is bemoedigend en verlossend, maar diezelfde hand kan ook terechtwijzen en straffen, wie geen berouw hebben. In de Bijbel lezen we dat er jongens waren die de profeet Elisa bespotten, hierop vervloekte Elisa hen in de Naam van de Here en zij werden verscheurd door beren (2 Koningen 2:23-24).

God is genadig, maar ook rechtvaardig. Door de gaven van de Geest is Gods hand nog altijd aanwezig om de tegenstanders van Zijn werk en kinderen terecht te wijzen en te straffen.

f) Voor bovennatuurlijke overwinning in de strijd.
Het volk van Israël kreeg in de strijd de overhand, doordat Mozes in het geloof zijn handen omhoog hief. Door deze gebeurtenis in Exodus 17 wordt duidelijk hoe belangrijk ondersteunend geloof is. Aäron en Hur hielpen Mozes door zijn armen omhoog te houden, want na verloop van tijd werden Mozes’ armen moe en wanneer zij zakten, kreeg de vijand de overhand. Door de ondersteuning konden Mozes’ armen opgeheven blijven en werd de overwinning behaald.

Ook vandaag is het belangrijk om ondersteunend geloof te hebben, zodat er in onze tijd meer wonderen zullen plaatsvinden. Pinksteren zou nog veel doeltreffender zijn met het ondersteunend geloof van anderen.

g) Om hulp te bieden bij huishoudelijke en maatschappelijke problemen.
Vandaag zijn er veel problemen die zich afspelen in huishoudens en in de maatschappij. De overheid kan misschien ‘slimme’ oplossingen bedenken, maar hun oplossingen kunnen nooit concurreren met goddelijke oplossingen.

God voorzag op bovennatuurlijke wijze in de nood van de weduwe in 2 Koningen 4:1-7. Op dezelfde manier kan Hij vandaag ook passende oplossingen bedenken voor huishoudelijke en maatschappelijke problemen. God is nog steeds bij machte om op een bovennatuurlijke manier te voorzien alle noden van Zijn kinderen.

h) Om doden op te wekken.
In de studie ‘De gaven van de Geest’ hebben we beschreven dat alle gaven van de Geest verschillend zijn, maar dat ze ook samen een eenheid vormen en in elkaar overvloeien. Eerder in deze studie beschreven wij dat de gave van wonderen wonderen bewerkt en dat de gaven van geloof op wonderen vertrouwt. In het opwekken van doden vind je allebei de gaven terug. In de opwekking van Lazarus was een uiting van wondergeloof.

Lazarus kwam uit het graf toen hij nog steeds gewikkeld was in de grafdoeken, dat was een uiting van de gave van wonderen. Lazarus was volledig gezond toen hij uit het graf kwam en hij leed niet meer aan de ziekte waar hij aan gestorven was, dit was een uiting van de gave van genezingen. De gave van geloof kwam tot uiting, doordat Jezus in volledig in de rust was en al zei dat Lazarus niet dood was, maar alleen maar was ingeslapen (Johannes 11:11).

Deze overlapping van gaven is wonderlijk, maar maakt het tegelijkertijd ook moeilijk om te weten welke gave voor door een bepaald wonder tot uiting is gekomen.

i) De gave van geloof komt tot uiting bij het uitwerpen van boze geesten.
Jezus bestrafte de boze geesten of wierp ze uit met Zijn Woord. Hij sprak de woorden in geloof, Hij vertrouwde erop dat Zijn Vader Jezus’ Woord zou eren door te verlossen. In Handelingen 19:12 lezen we dat boze geesten ook uitgingen door lapjes stof die doordrenkt waren met gebed Geestvervuld gebed. Dit waren ook uitingen van de gave van geloof.

Streef naar de gaven van de Geest
De werking van de gave van geloof is minder spectaculair dan die van de andere gaven. De uitingen vinden vaak plaats in het verborgene, stil en over langere periode, maar dat maakt deze gave zeker niet minder wonderlijk. Jezus zegt in Marcus 11:22: ‘Heb toch geloof in God!’. Het geloof wat in de volgende verzen beschreven wordt is wonderlijk en zou in ons een verlangen moeten opwekken om naar deze gave en de andere gaven te streven.

Hoewel deze gave niet het fundament is van de andere gaven, zal er vaak wel overlapping van gaven plaatsvinden, zoals is beschreven bij punt h. In de volgende studies zullen we daar nog verder ingaan op de combinaties van gaven om bepaalde wonderen te bewerken.

Tags:
Vorig artikel

Sta op en keer terug!

Volgend artikel

Simson en Delila