Studie - De gaven van de Geest

De gaven van de Geest: Tekenen & wonderen DEEL 2

De gaven van de Heilige Geest zijn onmisbaar in de Kerk van Jezus Christus. Het Lichaam van Christus zonder deze gaven is als een lichaam zonder ledematen. Als wij ons uitstrekken naar de gaven van de Geest, zal God deze uitdelen zoals Hij wil en zullen we een krachtig Lichaam vormen. In deze serie gaan we dieper in op de verschillende onderdelen van de gaven van de Geest.

Als we kijken naar wie God is, dan kunnen we alleen maar zeggen dat Hij in elk aspect van Zijn bestaan constant is. Zijn eigenschappen zijn eeuwig en Zijn kracht en macht zijn onveranderlijk. God is altijd Dezelfde en Hij hoeft Zich niet te ontwikkelen. God is eeuwig!

Wij als Gods kinderen worden elke dag weer aangemoedigd om meer te groeien in Zijn genade, wijsheid en kracht. Maar dit is voor God niet van toepassing, want Hij is perfect en Hij is juist het beeld waarnaar wij gevormd zijn en waarop we moeten lijken.

God is Dezelfde vanaf het begin van de tijd tot nu. God zal nooit zijn wat Hij niet is. En wat Hij ooit was, dat is Hij ook vandaag! De Bijbel beschrijft niet Gods groeiende macht of kennis. Gods kracht is niet veranderd van tijdperk tot tijdperk, maar de manier waarop Zijn kracht wordt geuit, is wel veranderd.

De God van het Nieuwe Testament is dezelfde God van het Oude Testament. Maar de manier waarop God met ons omgaat en Zijn wil aan ons bekendmaakt, is sinds de komst van Jezus persoonlijker. Ook is de manier waarop Hij Zijn heerlijkheid aan ons laat zien, anders geworden sinds Zijn Geest gekomen is om bij en in ons te wonen.

Nu zijn de gaven van de Geest iets nieuws. Die werden namelijk pas op de eerste Pinksterdag op deze manier aan ons geopenbaard. Maar de kracht die God door de gaven van de Geest laat zien, is niet nieuw. Deze is zelfs ouder dan de overwinningen van Gideon of de plagen in Egypte.

Al Gods werken van wijsheid en/of kracht door de eeuwen heen zijn werkingen geweest van de gaven van de Geest of door de Heilige Geest Zelf. Alleen de manier waarop deze door de eeuwen heen zichtbaar zijn geworden, is anders.

De wonderen in het Oude Testament werden bewerkt door het uitlenen van één of meer gaven van de Geest. In het Nieuwe Testament en in de eeuwen daarna werden de wonderen nog steeds bewerkt door Dezelfde Geest, maar werd de kracht die de wonderen veroorzaakte op een andere manier uitgedeeld.

Mijn vader had een mooi horloge en hij had mij beloofd dat ik het na zijn dood mocht hebben. Maar omdat hij graag wilde zien hoe ik van zijn horloge zou genieten, mocht ik het horloge al eerder van hem lenen. In de periode dat hij leefde, bleef hij het recht houden om het terug te vragen om het bijvoorbeeld zelf te dragen of voor iets anders. Maar nu hij gestorven is, leen ik het niet meer, want het is nu van mij. Het is nu een gift, een gave.

In het Oude Testament beloofde God in Zijn Woord vaak dat Hij Zijn volk de gaven van de Geest zou geven (Joël 2:28). Maar deze gaven konden pas gegeven worden, nadat Jezus was gestorven en naar de hemel was gegaan. Maar God verlangde ernaar om Zijn kinderen te zegenen, al voordat Hij stierf aan het kruis. Daarom leende Hij aan sommigen van Zijn kinderen de gaven van de Geest. En pas nadat Jezus was gestorven, liet Hij de gaven na als geschenken.

Tot aan Zijn dood bleef God het recht houden om de gaven terug te nemen of tijdelijk aan iemand anders te geven. Maar nu Jezus in de hemel is, heeft Hij de gaven van de Geest nagelaten aan Zijn kinderen. De gaven zijn volmaakt en zijn er om verlossing en inzicht te geven.

De werking van de gaven van de Geest in het Oude Testament kan je vergelijken met een vliegtuigje dat op afstand bestuurbaar is. De bestuurder bepaalt waar het vliegtuigje naartoe gaat en wat het doet, maar de bestuurder zit zelf niet in het vliegtuigje.

In het Oude Testament liet de Heilige Geest Zijn kracht over iemand komen, zodat zij naar Zijn kracht en wil konden handelen, terwijl Hij in de hemel was. Een mooi voorbeeld hiervan is te zien in het leven van David.

‘En terwijl David daar tussen zijn broers stond, pakte Samuël de olie die hij had meegebracht en goot die over Davids hoofd. Op dat moment kwam de Geest van de Here over David en vervulde hem vanaf die dag.’ – 1 Samuël 16:13

De Heilige Geest leidde David in het gevecht met Goliath en gaf hem de kracht en het inzicht om Goliath te kunnen verslaan.

De werking van de gaven van Geest na de eerste Pinksterdag is als een vliegtuig waar de piloot het vliegtuig bestuurt van binnenuit. De Heilige Geest kwam op de Pinksterdag naar de aarde en daalde neer in de lichamen van Jezus’ volgelingen om in en door hen heen te werken. Dit is ook hoe Hij vandaag in ons werkt. Door Zijn leiding toont Hij Zijn bovennatuurlijke kracht en wijsheid in en door ons heen.

‘Of weet je niet dat je lichaam een tempel is van de Heilige Geest? Van de Geest die God jou heeft gegeven en die nu in je woont? Je bent niet van jezelf!’ – 1 Korinthiërs 6:19

De manier waarop de bovennatuurlijke kracht en wijsheid van de Heilige Geest tot uiting in ons komt, zijn de gaven van de Heilige Geest. De bevelhebber is Dezelfde als altijd. Maar het centrum van waaruit Hij werkt, is verplaatst van de hemel naar de aarde. En de manier waarop Hij communiceert, is veranderd van buiten naar binnen.

In het Oude Testament ervoeren mensen soms goddelijke kracht, omdat de Heilige Geest over hen kwam. Maar doordat de Heilige Geest bij Pinksteren naar de aarde kwam, mogen wij nu Zijn kracht ontvangen, omdat Hij in ons woont. Jezus legt het verschil hiertussen als volgt uit:

‘Dat is de Heilige Geest, die de wereld niet kan ontvangen, omdat zij Hem niet kan zien en dus ook niet kent. Jullie kennen Hem wel omdat Hij bij jullie blijft (voor Pinksteren) en in jullie zal wonen (na Pinksteren).’ – Johannes 14:17

Vanaf de eerste Pinksterdag worden deze krachten uitgedeeld aan iedereen die erin gelooft. De gaven van de Geest worden aan ons gegeven om ze te gebruiken naar de wil van de Heilige Geest en om het Lichaam van Christus sterker te maken.

Het Griekse woord ‘charisma’ (genade, gave), dat in 1 Korinthiërs 12 vijf keer wordt gebruikt, laat geen twijfel aan Gods bedoeling bestaan. Door de gaven van de Geest kunnen wij in de volheid, kracht en vrijheid van Christus leven. Dit werd door Petrus in de praktijk gebracht, toen hij met Johannes bij de Schone poort was.

Petrus zei tegen de hulpeloze, verlamde man: ‘Als het om de gaven gaat die je begeert, ben ik even arm als jij. Maar toch ben ik niet arm. Ik heb iets in mijn persoonlijk bezit. Dat geef ik je. Het is beter dan het goud dat je wilt hebben. Het is de kracht voor je onmiddellijke genezing. In de naam van Jezus Christus van Nazareth: Sta op en wandel!’

Petrus gebruikte zijn gave als iemand die er bewust van was. In nederig vertrouwen en zonder twijfel geeft hij de man wat hij heeft: genezing in de naam van Jezus. Wie zou niet arm willen zijn aan materiële goederen en natuurlijke talenten, als hij zo rijk zou kunnen zijn aan hemelse kracht om een gebroken mensheid te herstellen! Jezus zegt: ‘Genees de zieken.’ Hij zegt niet: ‘Vraag Mij en Ik zal ze genezen.’

Ja, zelfs in de sombere rouwkamer sprak Petrus tegen de dode vrouw: ‘Tabitha, sta op!’ (Handelingen 9:40). Hij richtte zich niet tot de hemel en riep: ‘Heer, wek haar op!’ Nee, hij zei tot de dode: ‘Sta op!’ en ze stond op! De Heer sprak: ‘Ik geef u kracht. Wek de doden op.’ Petrus was zo gevuld met de kracht van de Heilige Geest, dat hij in die kracht stond en handelde met overtuiging. Hij hoefde niet tot de hemel door te breken, want Hij wist welke kracht hij bezat.

Zo was het ook met Paulus in Lystra. Door het offer van Jezus wist hij dat hij één was met God en welke kracht hij daardoor bezat. Paulus sprak met luide stem tegen de verlamde man: ‘Sta recht op uw voeten’. En de man die vanaf zijn geboorte verlamd was, sprong op en liep!

Het is Gods bedoeling dat Zijn kinderen Zijn goddelijke eigenschappen zullen uiten tot opbouw van de gemeente en tot redding van de lijdende mensheid. God heeft de gaven gegeven, zodat wij ernaar verlangen, ze ontvangen en met vrijmoedigheid gebruiken. God wil grotere werken door ons heen doen, met een zelfs nog grotere kracht dan toen Hij op aarde was (Johannes 14:12).

Lees ook: ‘Gaven van de Geest: 1 Korinthiërs 12 DEEL 1’

Tags: