Esther

Esther DEEL 1

De komende maanden bestuderen we de fascinerende Bijbelverhalen uit The Blessing Bijbel. David Maasbach doet dit op een unieke en levendige manier, waardoor ze makkelijker te begrijpen zijn. Hieraan zullen jij en het hele gezin veel plezier beleven! Deze keer het verhaal van Esther.

‘Daarna zal ik, ondanks het verbod, naar de koning gaan. Als ik dan moet sterven, dan zij het zo.’ – Esther 4:16

Koninklijk feest
Ongeveer 3000 jaar geleden regeerde koning Ahasveros over het rijk van de Meden en Perzen. Het Perzische rijk was een gigantisch groot rijk, dat reikte van India tot Ethiopië. Het was vergelijkbaar met het Europese rijk, maar dan nog veel groter.

Het koninkrijk van Ahasveros bestond uit maar liefst 127 landen. Om zijn rijkdom, macht en pracht te laten zien, had koning Ahasveros een onvoorstelbaar groot feest in zijn paleis. Het feest duurde wel een half jaar. Uit alle delen van zijn rijk kwamen gasten. De commissarissen van de koning, de burgemeesters, de wethouders, de regering: alle hooggeplaatsten waren aanwezig. Iedereen werd uitgenodigd voor dat prachtige feest.

Toen het feest bijna was afgelopen, gaf koning Ahasveros een apart feest voor alle mannelijke leden van zijn hofhouding. Tegelijkertijd gaf koningin Wasti een feest voor de vrouwen in het paleis. Op de laatste dag van het feest gaf de koning de opdracht aan zijn knechten om koningin Wasti te halen, zodat alle gasten konden zien hoe mooi zij was.

Maar toen men het bevel van de koning aan koningin Wasti overbracht, weigerde zij te komen. Dat was in die tijd ‘not done’. De koning had een groot probleem en vroeg zijn adviseurs om raad. Zij zeiden dat koningin Wasti zich niet alleen tegenover hem had misdragen, maar ook tegenover alle regeringsleiders.

Ze stelden voor om koningin Wasti als voorbeeld te stellen door haar uit het paleis te verbannen en op zoek te gaan naar een nieuwe koningin. De koning vond dit een goed idee en hij liet een brief uitgaan naar alle 127 landen in zijn rijk. Elk land moest de mooiste meisjes verzamelen, zodat de koning uit deze groep meisjes zijn nieuwe vrouw zou kiezen.

Esther tot koningin gekroond
In Susa woonde een heel mooi meisje, Hadassa genaamd. Haar Perzische naam was Esther. Zij was een Jodin en woonde bij haar oudere neef, Mordechai. Na de dood van haar ouders, had hij haar als dochter aangenomen. Als gevolg van het koninklijke besluit werd ook Esther, samen met vele andere meisjes, naar de harem van de koning gebracht.

Mordechai had Esther gezegd om aan niemand te vertellen dat zij een Jodin was. Mordechai kwam elke dag naar de voorhof van de harem om te informeren hoe het met Esther ging. Koning Ahasveros hield meer van Esther dan van alle andere meisjes en kroonde haar tot de nieuwe koningin.

Haman, de jodenhater
Korte tijd daarna benoemde koning Ahasveros Haman, de Agagiet, tot eerste minister. Hij was, na de koning, de machtigste man van het rijk. Iedereen moest voor Haman buigen als hij langskwam. Maar Mordechai weigerde voor Haman te buigen, omdat hij alleen voor de levende God van Israël zou buigen. Dit maakte Haman woedend.

Toen hij erachter kwam dat Mordechai een Jood was, haatte hij niet alleen Mordechai, maar het hele Joodse volk. Hij wilde zelfs alle Joden in Ahasveros’ rijk uitroeien. Haman benaderde de koning over deze kwestie. ‘Koning, er is een volk in uw rijk dat zijn eigen wetten heeft en weigert uw wetten te gehoorzamen. Het is een gevaarlijk volk. Als u het goedvindt, geef dan bevel dat zij worden uitgeroeid.’

De koning vond dit een goed idee en gaf zijn zegelring aan Haman. Haman liet een brief opstellen met het bevel dat alle Joden in het hele rijk zouden worden uitgeroeid op de dertiende dag van de twaalfde maand van het volgende jaar. Deze dag was door het lot (‘poer’) uitgekozen.

‘Kom ik om, dan kom ik om’
Toen Mordechai van dit bevel hoorde, scheurde hij zijn kleren en was in zak en as. In alle gewesten waar het besluit van de koning bekend was geworden, waren de Joden in diepe rouw. Toen Esther hierachter kwam, stuurde zij een dienaar naar Mordechai om te vragen wat er aan de hand was. Mordechai legde het hele verhaal uit.

Ook vertelde hij haar dat Haman erachter zat, en dat zij naar de koning moest gaan om hem om genade te smeken voor haar volk. Hij zei: ‘Als jij nu blijft zwijgen, zullen de Joden wel op een andere manier gered worden. Maar jij en je familie zullen omkomen. En wie weet of jij niet juist met het oog hierop in het paleis bent terechtgekomen?’

In die tijd stond er de doodstraf op als je ongevraagd naar de koning ging. Pas als de koning zijn scepter naar jou uitstrekte, zou je vrijstelling krijgen. Er waren al 30 dagen voorbijgegaan, sinds Esther voor het laatst bij de koning was geroepen. Dit had te betekenen dat ze ongevraagd naar de koning moest gaan om te pleiten voor haar volk, met gevaar voor haar eigen leven.

Esther nam de beslissing om naar de koning te gaan. Zij vroeg aan alle Joden in Susa om drie dagen lang te vasten voor haar. Zij vastte ook met haar dienaressen. Ze zei: ‘Daarna zal ik, ondanks het verbod, naar de koning gaan. Kom ik om, dan kom ik om.’

Koningin Esther gaat naar de koning
Het moment brak aan dat koningin Esther naar koning Ahasveros ging. Meteen verwelkomde hij haar en reikte haar zijn gouden scepter. De koning vroeg: ‘Wat is er, koningin Esther? Kan ik iets voor je doen? Al is het de helft van mijn koninkrijk, ik zou het je geven.’ Esther antwoordde: ‘Ik heb een grote wens en wil u en Haman graag uitnodigen voor een diner vanavond.’

Nadat de koning en Haman die avond hadden deelgenomen aan de feestmaaltijd, zei Esther tegen de koning: ‘Mijn verzoek is dat u en Haman morgenavond weer naar een diner komen dat ik voor u klaarmaak. Dan zal ik u mijn wens vertellen.’ De koning stemde hiermee in.

Haman liep fluitend het paleis uit. Maar toen hij Mordechai bij de poort zag zitten, zonder voor hem te buigen, sloeg zijn humeur in één klap om. Thuis begon hij over zichzelf op te scheppen tegenover zijn vrouw en vrienden. Hij was immers de op één na machtigste man van het rijk geworden.

‘Maar toch’, voegde hij er somber aan toe, ‘valt dit alles in het niet als ik die Jood Mordechai bij de poort zie zitten.’ Hamans vrouw, Zeres, en zijn vrienden gaven hem de raad een 20 meter hoge galg te maken. ‘Vraag de koning morgenochtend of Mordechai daaraan mag worden opgehangen’, zeiden zij. Haman vond dit een prachtig plan en liet meteen een galg maken.

Lees ook: Esther DEEL 2

Tags: