Getuigen-van-Jezus

Getuigen van Jezus: Charles Spurgeon DEEL 2

Veel mannen en vrouwen werden op een buitengewone manier door God gebruikt. Hierdoor hadden ze een grote impact op de mensen om hen heen in de tijd waarin ze leefden en ook op ons vandaag. In deze serie gaan we dieper in op hun leven en bediening. Deze keer gaan we dieper in op het leven van Charles Haddon Spurgeon, de prins der predikers.

Naast positieve reactie kreeg ds. Spurgeon ook kritiek, bijvoorbeeld uit de kring van de zogenaamde hypercalvinisten, die vonden dat zijn leer niet gezond genoeg was. Zo ontstond er een discussie over de vraag of God wel hoort naar het gebed van een zondaar.

‘Hoe kan iemand die nog dood is door de zonden, bidden?’ vroegen ze. Dat wist ds. Spurgeon niet, maar hij wist wel dat hij gebeden had toen hij nog dood was door zijn overtredingen en zonden. Ze waren het niet met hem eens. Op dat moment kwam een heel oude vrouw bij hen staan en zei: ‘Wat staan jullie toch te harrewarren! Die woorden heeft de Heer nooit gezegd, maar weet je wat de psalmist zegt?

‘Hij zorgt voor het voer voor onze dieren, zelfs voor de jonge raven die roepen in het nest.’ – Psalm 147:9

Als God zelfs hoort dat de raven naar Hem uitroepen, zal Hij zeker het gebed horen van hen, die naar Zijn beeld geschapen zijn!’ Na die woorden te hebben gehoord, gingen de tegenstanders weg.

Op 31 mei 1855 werd de kerk heropend. Terwijl de belangstelling van de baptisten voor hun kerken afnam, was het in de kerk van Spurgeon juist anders en nam de interesse toe. Meer dan 200 bekeerlingen werden toegevoegd. Want juist door de negatieve berichten in de pers, werden mensen nieuwsgierig hoe het er echt aan toe ging in de kerk van Spurgeon. Dus als ze langs de kerk kwamen, namen ze ook een kijkje in de kerk en hoorden ze het woord.

In 1856 richtte ds. Spurgeon het Pastors College op, een opleiding tot predikant. De belangstelling nam toe, zodat er na een aantal jaren bijna 100 studenten waren. In datzelfde jaar werden voor het eerst de zondagavonddiensten gehouden in de grote muziekzaal van de Royal Surrey Gardens, want het aantal bezoekers was drastisch gegroeid.

Toen ds. Spurgeon op 19 oktober naar het gebouw liep, zag hij tot zijn verbazing rijen mensen, die niet in de stampvolle zaal konden. Het was een geweldige belevenis om het Woord te mogen brengen aan zo’n 10.000 tot 12.000 mensen. Maar tijdens de stilte van het gebed begonnen enkele aanstokers ‘Brand! Brand!’ te roepen.

Ds. Spurgeon zag dat het vals alarm was en probeerde het publiek rustig te houden, maar de mensen raakten toch in paniek. Daardoor kwamen zeven mensen om het leven. Maar het was de aanstokers niet gelukt om de verkondiging van het evangelie te stoppen. Na dit voorval werd er alleen op zondagmorgen een dienst gehouden in deze zaal.

Op 7 oktober 1957 sprak ds. Spurgeon op een gebedsdag in het beroemde Crystal Palace, waar hij voor bijna 24.000 mensen mocht spreken.

Op 11 december 1859 had Spurgeon zijn laatste dienst in Surrey Gardens. Hij sprak toen over Paulus’ bericht aan de oudsten van Efeze:

‘Want ik heb u alles over Gods wil en plan verteld.’ – Handelingen 20:27

Tijdens deze preek zei hij: ‘Als je je geweten zuiver wilt houden door het goede nieuws van Jezus te verkondigen, dan moet je als eerste vertellen dat God de mens lief heeft gehad, al voordat de wereld bestond. Wij moeten met luide stem en met vrijmoedigheid Gods wil en Zijn beloften bekendmaken en de zonde verwerpen.’

Omdat ze al die jaren grote zalen huurden, had de baptistengemeente besloten om een nieuw kerkgebouw te laten bouwen. Het nieuwe gebouw werd geopend op 18 maart 1861 en kreeg de naam ‘Tabernacle’.

In januari 1862 vond er een speciale avonddienst plaats na een mijnramp. Ds. Spurgeon hield een preek over Job.

‘Als een mens sterft, zal hij dan weer herleven? Die gedachte zou mij hoop kunnen geven tijdens mijn harde bestaan, dan zou ik uitzicht hebben op verlossing.’ – Job 14:14

Tijdens deze preek deed hij een oproep voor het lot van de nabestaanden. Daardoor werd tijdens deze dienst veel geld bijeengebracht voor de weduwen en wezen.

Spurgeon had een hart voor mensen en zag de noden van de mensen. Zijn hart was bewogen voor de mensen in nood en hij zette zich er ook voor in om er iets aan te doen. Want toen velen hun baan verloren tijdens het katoentekort, sprak ds. Spurgeon over christelijk medegevoel. Daarbij haalde hij de volgende tekst uit Job aan:

‘Huilde ik niet mee met hen die het moeilijk hadden? Was ik niet diepbedroefd over het lot van de armen?’ – Job 30:25

Ook na het horen van deze preek, waren de mensen bewogen om te geven en hun medemens te helpen.

Tijdens zijn leven gaf hij een serie van preken, boeken en traktaten uit, die met miljoenen verkocht werden. Een prachtig voorbeeld van de zegen die daarop rustte, is het verhaal van een Schotse vrouw die niets meer met het geloof te maken wilde hebben. Ze was klaar met het geloof en gooide haar Bijbel en alle traktaten die ze had in het vuur. Maar er viel een traktaatje terug. Ze raapte het op en gooide het weer in het vuur. Maar weer viel het uit de vlammen op de grond, en opnieuw gooide ze het in het vuur. Toen het half verbrande papiertje weer voor haar voeten viel, werd ze nieuwsgierig en begon het te lezen. Ze kwam tot bekering door het half verbrande traktaatje dat ze las. Ontelbaar veel mensen kwamen door zijn preken tot bekering.

Een Australische predikant vertelde een bijzonder getuigenis. Een vader uit een provinciestad had zijn zoon Harry in de leer gedaan bij een zilversmid in London. Maar toen Harry daar was, besloot hij om het slechte pad op te gaan. Harry’s ouders smeekten God om hem terug te brengen.

Op een avond zou Harry met enkele anderen gaan inbreken bij een zilversmid. Ze kwamen voorbij de Tabernacle, waar juist een dienst werd gehouden. Harry moest weten hoe laat het was een ging daarom de kerk in. Ds. Spurgeon sprak over de moordenaar aan het kruis, en terwijl hij in de richting van Harry wees, riep hij uit: ‘Mocht hier vanavond een dief zijn, dan kan Jezus Christus hem redden!’ Harry hoorde deze woorden en ze raakten hem in zijn hart. Na deze woorden te hebben gehoord, ging Harry terug naar zijn zolderkamertje om te bidden, en een week later had hij zich met zijn ouders verzoend.

In het voorjaar van 1891 werd de gezondheid van ds. Spurgeon langzamerhand slechter. Na een ziekbed van enkele maanden overleed hij op 31 januari 1892. De ‘prins der predikers’ had zijn taak op aarde volbracht.

Door het leven van ds. Spurgeon heen kon je duidelijk zien dat hij een passie voor de redding van zielen had. Telkens wanneer hij een preek bracht, stond de redding van degenen die hem hoorden hem voor ogen. Dit kwam ook duidelijk naar voren in zijn afscheidspreek die hij bracht in de Tabernacle, waar hij 30 jaar lang voor zeker 20 miljoen mensen het Woord had verkondigd:

‘Om te leven in gehoorzaamheid aan Christus is leven, vrede en vreugde.
Ach, dat je je meteen zou overgeven aan de wil van God! Dat God je zal helpen
om vandaag nog één te worden met Jezus Christus!’

Tags: