Getuigen-van-Jezus

Getuigen van Jezus: Graaf von Zinzendorf DEEL 2

Veel mannen en vrouwen werden op een buitengewone manier door God gebruikt. Niet al deze mannen en vrouwen zijn heel bekend, maar ook door hen heeft God een groot werk gedaan. In deze serie gaan we dieper in op hun leven en bediening. Deze keer bekijken we het leven van Graaf von Zinzendorf.

In 1722 bracht Graaf von Zinzendorf een groep Moravische vluchtelingen onder op zijn landgoed in Berthelsdorf. Deze vluchtelingen werden al voor honderd jaar vervolgd voor hun geloof en vonden bescherming bij Graaf von Zinzendorf. Op zijn landgoed konden steeds meer vervolgde christenen bescherming vinden. Uiteindelijk werd deze plaats ‘Hernhut’ (betekenis: in de bescherming van de Heer) genoemd.

Op deze plaats vond een opwekking plaats. Dit werd de geboortegrond van de Evangelische Broedergemeente, die door Graaf Zinzendorf in 1727 werd opgericht. Op het moment dat de Geest bewoog, besefte de graaf dat zijn zendingsdroom werkelijkheid zou kunnen worden door de mensen op zijn landgoed.

Hernhut breidde zich steeds meer uit en werd daardoor een middelpunt van het christelijke leven. In alles wat zich afspeelde, werd de nadruk gelegd op een levende relatie met Jezus, de Redder. De liefde die daaruit voortkwam, werkte herstellend voor de vele vervolgden.

In Hernhut werden samenkomsten gehouden, er was ook een doorlopend gebed en men ondersteunde de zending. Ze vonden het belangrijk om het evangelie te verspreiden en deelden daarom ook Bijbels uit. In 1731 werd Hernhut een zelfstandige gemeente, waarop de graaf door zijn passie voor het geloof zijn stempel had gedrukt. De gemeente deed haar best en zette zich volledig in om het licht van het evangelie te laten schijnen in de wereld.

Dit bleek uit opwekkingsbewegingen en de groei van de zending. Gemeenteleden gingen op zoek naar verspreid wonende Moravische broeders, die al die jaren geen geestelijke leiding hadden gehad en die er alleen voor stonden. Ook werden zendelingen uitgezonden naar St. Thomas, bij de Westkust van Afrika, naar de Eskimo’s in Groenland, naar Amerika en Suriname. Hierdoor ontstonden op meerdere plaatsen hernhuttersgemeenten.

In 1734 werd de Broedergemeente officieel erkend als kerk. De missie van de graaf was om iedereen die één was in geloof en liefde van Christus samen te brengen. Zijn doel was om alle verschillen op te helderen, zodat men in alle vrijheid God zou kunnen dienen in verspreiding van Zijn Koninkrijk.

Het zendingswerk van de hernhutters was nu echt op gang gekomen. In 1740 hadden zij ook de Goudkust en Zuid-Afrika bereikt en hadden ze minstens dertig landen bezocht. Hun opofferingsgezindheid en totale inzet wekten algemene bewondering, waardoor zij velen inspireerden.

Von Zinzendorf nam in 1742 ook zelf deel aan de zending onder de indianen. Maar het jaar daarop werd hij plotseling teruggeroepen naar Europa. Het bestuur van de Broedergemeente dreigde het werk in een verkeerde richting te drijven. Om hierin een verandering te brengen, nam de graaf alles in handen.

De gemeente verdroeg hem in de liefde en twijfelde niet aan zijn oprechtheid. Maar op een gegeven moment sloegen ze hierin door en zetten hem op een voetstuk. Ook hierin kwam weer een verandering. God verlaat namelijk niet wat Zijn hand begon, al moeten de gelovigen soms door de diepte heen. Langzamerhand werd na een tijd van ‘zifting en beproeving’ al het werk in goede banen geleid.

Na deze storm over Hernhut stelde de graaf mensen aan over de verschillende takken van het werk, zodat niet alles op de schouders van één man zou rusten. In 1754 werd het theologische ‘Seminarie der Broedergemeenten’ opgericht in Engeland, dat bloeide en groeide.

De echtgenote van de graaf, Erdmuth Dorothea Reuss, speelde een belangrijke rol in de beweging. Na haar overlijden in 1756, bleef de graaf onvermoeid doorgaan met corresponderen en reizen. Hij bezocht daarbij gemeenteleden in Europa, Engeland en Noord-Amerika.

De laatste fase van zijn leven was aangebroken. Nadat hij teruggekomen was van een buitenlandse reis, ging hij vurig aan het werk. Maar een korte ziekte sloopte zijn krachten en hij overleed op 19 mei 1760. Graaf von Zinzendorf heeft veel betekend voor de wereldwijde Gemeente en voor de zaak van de zending. Ook vandaag zijn er nog steeds Evangelische Broedergemeenten, die over de hele wereld actief zijn.

De lijfspreuk van Graaf von Zinzendorf was: ‘Ik heb maar één passie: het is Jezus, Jezus alleen!’ Dit was ook echt te zien in leven en zijn streven.

Tags: