Getuigen-van-Jezus

Getuigen van Jezus: Sadhoe Soendar Singh DEEL 1

Veel mannen en vrouwen werden op een buitengewone manier door God gebruikt. Hierdoor hadden ze een grote impact op de mensen om hen heen in de tijd waarin ze leefden en ook op ons vandaag. In deze serie gaan we dieper in op hun leven en bediening. Deze keer gaan we dieper in op het leven van Sadhoe Soendar Singh.

Meer dan honderd jaar geleden werd Soendar Singh geboren, en wel op 3 september 1889 te Rampur in de staat Patiala, in het noorden van India. Zijn ouders waren erg rijk en hij groeide in rijkdom op. Zijn vader was een sikh en zijn moeder een hindoe. Samen bezochten ze de hindoetempel, lazen de heilige boeken van de hindoes en zij voedden hem daarin op.

Toen Soendar zeven jaar was, kende hij al het lange en moeilijke leerdicht Bagawadgita (de zang van de zaligen) vanbinnen en vanbuiten. Op zijn zestiende had hij niet alleen veel heilige boeken van de sikhs en van de hindoes gelezen, maar zelfs de Koran. Ook kwam hij in aanraking met sadhoes, die hem de kunst van yoga bijbrachten.

Een sadhoe is een hindoe die zich totaal aan de godsdienst toewijdt en zich helemaal van de wereld afkeert. Zij trouwen niet en hebben ook geen werk. Ze reizen door het hele land in een geel gewaad. Ze hebben geen vaste verblijfplaats en leven van de liefdadigheid van mensen.

Zijn moeder had hem die weg gewezen, want ze wilde niet dat hij werelds en onverschillig zou worden. Ze moedigde hem aan om op zoek te gaan naar vrede voor zijn ziel. Ze wilde graag dat hij trouw zou blijven aan zijn geloof en raadde hem aan om later een sadhoe te worden, een heilige pelgrim.

Toch vond hij in het mediteren geen vrede en geen tevredenheid. Omdat zijn moeder bevriend was met enkele dames van de Engelse zending in Rampur, stuurde ze Soendar naar de zendingsschool. Daar kwam hij voor het eerst in aanraking met de Bijbel. Maar hij voelde weerstand tegen het boek en wierp zich op de verborgen wijsheden en geheime kunsten die de hindoes leren.

Op veertienjarige leeftijd verloor hij zijn moeder. Daarna veranderde zijn leven compleet. Hij verbrandde en verscheurde Bijbels en gooide met stenen naar predikers, omdat hij geloofde dat het christendom een valse godsdienst was. Maar in zijn eigen godsdienst vond hij ook geen vrede, terwijl hij alles deed wat er van hem verwacht werd. Zo kwam de gedachte in hem op om zelfmoord te plegen.

Drie dagen nadat hij in het bijzijn van zijn vader een Bijbel verbrand had, werd hij om drie uur ’s morgens wakker en zei: ‘O God, als er een God is, toon mij dan de rechte weg, of anders zal ik mijzelf doden.’ Hij wilde zich voor de trein van vijf uur gooien. Misschien zou hij in een ander leven de vrede vinden. Nogmaals bad hij en nog eens.

Toen zag hij een groot licht in zijn kamer. Het licht was zo fel dat hij dacht dat zijn kamer in brand stond. Toch zag hij niets bijzonders. Maar hij bedacht dat dit het antwoord van God kon zijn. Terwijl hij bad en in het licht keek, zag hij de gedaante van de Here Jezus, die straalde van glorie en liefde.

Toen hoorde hij een stem in het Hindoestaans: ‘Hoelang zul je Mij vervolgen? Ik ben gekomen om je te redden. Je hebt gebeden om de rechte weg te kennen. Waarom ga je die niet?’ Soendar dacht: ‘Jezus is niet dood; Hij leeft en dit moet Hij Zelf zijn.’ Hij viel neer voor Jezus’ voeten en ontving die wonderlijke vrede, die hij nergens anders gevonden had. De verschijning verdween, maar de vrede en blijdschap bleven.

Vanaf dat moment was hij een ander mens. Hij wilde zich als christen laten dopen. Zijn familie probeerde hem van dat voornemen af te brengen, maar hij liet zich in 1905 op zijn verjaardag in een Engelse kerk in Simla dopen. Toen nam hij ook het besluit om als christen-sadhoe door het leven te gaan en zo zijn leven aan Jezus, zijn Redder, toe te wijden. Hij geloofde dat de Indiase mensen het christelijke geloof alleen zouden aannemen als het werd gebracht op een manier die dicht bij de Indiase cultuur lag.

Als sadhoe droeg hij het gele gewaad, leefde van de liefdadigheid zonder ooit geld bij zich te hebben, en bleef ongetrouwd. In zijn ogen was dit het beste middel om zijn volk het evangelie te brengen op een manier die voor hen aanvaardbaar was. Hij wilde vooral vrij zijn om zich totaal aan geestelijk werk te kunnen geven. Hij wilde helemaal op Jezus lijken en leven zoals Hij leefde. Jezus had geen huis en ging rond, goeddoende en vol liefde.

Doordat hij een christen was geworden, had hij alle schepen achter zich verbrand. Zijn vader had geprobeerd hem van gedachten te laten veranderen, maar toen dat niet lukte, onterfde hij Soendar. Op 16 oktober 1905 begon Soendar in zijn gele gewaad, zonder schoenen en geld, aan zijn christelijke pelgrimstocht, Jezus achterna.

Als gewoon sadhoe trok hij van dorp tot dorp. In 1906 maakte hij zijn eerste reis naar Tibet. Dat land trok hem geweldig aan, vooral om de grote gevaren en moeilijkheden voor de prediking van het evangelie. In Tibet was de zekerheid van felle tegenstand en vervolging en misschien zelfs wel marteldood. Hoog in de bergen, dicht bij de eeuwige sneeuwvelden, vond hij in de stilte meer tijd en gelegenheid om God te zoeken en de Bijbel te lezen.

Op zijn reis daarheen ontmoette hij de Amerikaanse zendeling Stoker, die ook het gele gewaad droeg. Samen brachten zij soms de nacht door onder een boom of in een hol op 5.000 meter hoogte, zonder voldoende eten. Dat verdroegen zij graag om het evangelie te verkondigen. Toen Soendar ziek werd, vond Stoker onderdak bij een Europeaan. Door het oprechte en liefdevolle Godsvertrouwen van Soendar, begon de Europeaan na te denken over het geloof en kwam hij later tot bekering.

In 1907 besloten Soendar en Stoker het voorbeeld van Jezus te volgen en zich in te zetten voor de zieken, om op die manier het evangelie te verspreiden. Dat deden ze in Sabathoe, waar er een zendingsziekenhuis voor melaatsen was. In die tijd brak een pestziekte uit, waardoor duizenden stierven. Maandenlang werkten de beide mannen dag en nacht in de verpleging van deze ernstig zieken.

Lees ook: ‘Getuigen van Jezus: Sadhoe Soendar Singh DEEL 2’

Tags: