God kijkt verder dan je fouten!
Ieder mens maakt wel eens een fout, ook christenen. Maar wat doe je als je een fout hebt gemaakt? Veranderen de gedachten die je over God hebt? Of denk je dat Gods gedachten over jou veranderen als je een fout begaat? Ontdek in dit artikel dat God verder kijkt dan je fouten. Zijn genade is genoeg.
‘Als je zeker weet dat God van je houdt en je dus vol bent van Zijn liefde, hoef je niet bang voor Hem te zijn. Want volmaakte liefde verjaagt alle angst voor God. Want als je bang bent, komt dat omdat je bang bent voor straf. Als je bang bent, ben je nog niet helemaal vol van liefde.’ – 1 Johannes 4:18 (BB)
De duivel is er altijd op uit om ons te beschuldigen en ons het gevoel te geven dat we niet genoeg zijn. Hij wil ons uitschakelen, zodat we niet meer werken voor God. Jezus pleit voor ons bij de Vader (Romeinen 8:34). Dezelfde Vader die ons zó waardevol vond dat Hij Zijn enige Zoon gaf, zodat wij niet verloren zouden gaan, maar eeuwig leven zouden hebben (Johannes 3:16).
Misschien heb je ook wel eens in een situatie gezeten waarvan je dacht: ‘Ik weet niet hoe ik hieruit moet komen’. Een situatie waar je je vermoeid voelde in lichaam en geest. Terwijl je juist je Bijbel las en anderen hielp in hun nood en hen bemoedigde. Je deed eigenlijk heel erg je best om God te dienen, maar toch voelde je je vanbinnen leeg. Het voelde alsof je de oplossingen die in de Bijbel staan, niet kon grijpen.
Waar je anderen juist bemoedigde, faalde je misschien zelf, waardoor je steeds meer schuldgevoelens kreeg. Als je een fout maakte, kon je jezelf niet vergeven. Op zo’n moment dacht je dat je wel heel veel ‘goeds’ moest doen om weer in de gunst van God te komen. Herken je deze gevoelens en gedachten?
God schenkt ons Zijn liefde uit genade, niet naar werken
We moeten leren dat God ons niet minder liefheeft als we wel eens fouten maken. En we moeten ook leren dat Hij ons niet méér liefheeft als we goede werken doen. God IS liefde en Hij kan niet anders dan ons liefhebben.
‘Want door het bloed van Zijn Zoon heeft Hij ons gered. Door Zijn bloed kon Hij ons vergeven dat we Hem ongehoorzaam waren. Hij deed dat niet omdat we dat verdiend hadden, maar omdat Hij zoveel van ons houdt.’ – Efeziërs 1:7 (BB)
Het is Gods gerechtigheid – en niet onze gerechtigheid – die ons in genade dichter naar Hem trekt. Toch denken we vaak dat wij ‘goed’ moeten zijn, voordat God ons aanneemt. We voelen ons gefrustreerd en wanhopig als we merken dat we weer gefaald hebben aan ons eigen ideaal.
‘O, Here God,’ roepen we dan, ‘ik wil helemaal geen fouten maken…’ Langzamerhand weten we niet meer wat we met onszelf aan moeten. Gefrustreerd raken we steeds meer vervreemd van de wonderbare kracht van het Woord van God. We verliezen op den duur ons gevoel van eigenwaarde, omdat we denken dat we niet goed genoeg zijn.
Wees niet ontmoedigd
De duivel gebruikt dit om nog meer druk te leggen op het feit dat we niet heilig genoeg zijn. ‘We moeten véél heiliger worden,’ zegt hij, ‘anders heeft God niets aan ons.’ Hij is de aanklager en zijn doel is onze handen slap te maken. Hij is erop uit om niet alleen jouw leven te beroven, maar ook de levens van de mensen die door jou tot bekering kunnen komen, bemoedigd of vertroost worden.
Als je niets doet voor God, dan hoeft de duivel je niet lastig te vallen. Maar zodra je je gaat inzetten voor God zal de duivel je proberen tegen te houden. Hij heeft hiervoor verschillende tactieken van ontmoediging. Hij probeert je ervan te overtuigen dat je maar beter op kunt houden, omdat je toch nooit heilig genoeg zal worden om God te aanbidden en te behagen en in Zijn wil te wandelen. Het zit nu eenmaal niet je, zegt hij. De duivel verlangt namelijk zelf naar de aanbidding en de aandacht!
Je wordt ontmoedigd en gaat minder de Bijbel lezen en bidden. Waardoor de communicatie tussen jou en de Vader verbroken kan worden. Het is zelfs mogelijk dat je langzamerhand terugvalt in je oude leven.
Wees dus opmerkzaam! Laat je niet van de rechte weg afbrengen. Laat je niet verleiden. Hoe je je ook voelt, blijf de Bijbel lezen, blijf de kerkdiensten bezoeken. Bouw jezelf op door opbouwende boeken of artikelen te lezen, christelijke muziek te luisteren en om te gaan met mensen die je op Jezus wijzen met liefde.
God keert ons de rug niet toe; wij keren Hem de rug toe
Lieve lezer of lezeres, als we op deze manier denken, dan hebben we een heel verkeerd beeld van God. Je denkt immers dat God je veroordeelt en Zich van je afkeert zodra je een fout begaat. Maar dat is een leugen.
‘Want God heeft Zijn Zoon niet naar de wereld gestuurd om de mensen te veroordelen, maar om door Hem de mensen te redden. Iedereen die in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld. Maar iedereen die níet gelooft, ís al veroordeeld. Want hij heeft niet geloofd in de enige Zoon van God.’ – Johannes 3:17-18
‘Maar als je bij Jezus Christus hoort, word je niet meer veroordeeld. Want dan leef je op de manier die de Geest wil, en niet meer op de manier die je ‘ik’ wil.’ – Romeinen 8:1
De verbindingslijnen tussen God en ons zijn niet ontstaan door ons en worden niet door onze goede daden in stand gehouden. Wij zijn met God verbonden door het bloed van Jezus Christus en genade. Het is niet God die ons de rug toekeert, maar wij keren Hem de rug toe.
Zodra we een fout maken of we ‘voelen’ God niet, dan zijn we geneigd onszelf te verbergen. We denken dan dat we iets verkeerds gedaan hebben. Maar onze relatie met God is niet gebaseerd op gevoelens, maar op ons geloof.
‘Want in de Boeken staat: ‘Iedereen die op Hem vertrouwt, zal niet in Hem teleurgesteld worden.’’ – Romeinen 10:11
Vaak ervaren we Gods liefde; we voelen die zo dichtbij en om ons heen. Maar er zijn ook tijden dat we niets voelen. Dan zegt het geloof:
‘Wees vastberaden en vol vertrouwen. Wees niet bang voor hen. Want jullie Heer God zal Zelf met jullie meegaan. Hij zal jullie niet in de steek laten.’ – Deuteronomium 31:6
Gods beloften zijn ‘ja’ en ‘amen’ als ik het voel, maar ook als ik het niet voel!
We moeten God leren kennen als een Vader
We moeten God leren kennen als een vader die zorgt voor zijn kinderen. Als je kind iets verkeerd doet, sluit je het dan buiten je hart? Nee toch? God is net als een vader die toekijkt als het kind probeert te lopen. Valt het kind, dan kijkt hij of het zelf kan opstaan, maar zodra het kind om hulp roept, schiet de vader het kind te hulp. Zo is ook onze hemelse Vader. Soms kijkt Hij in stilte toe of we al gegroeid zijn in het geloof, maar zodra we om hulp roepen, zegt Hij:
‘Hier ben Ik.’ – Jesaja 58:9
Dit artikel is geschreven door Daniëlle Bruin-Maasbach.
